De vertrouwenspersoon is partijdig en doet niets zonder toestemming

“De vertrouwenspersoon is partijdig en doet niets zonder toestemming”

#MeToo. Dit was de start om verhalen van (seksuele) intimidatie op de werkvloer te delen op social media. Veel werkgevers krabden zich achter de oren. Hoe ga je om met ongewenst gedrag? Het aanstellen van een vertrouwenspersoon is vaak het minste wat een werkgever kan doen.

Het aanstellen van een vertrouwenspersoon is niet wettelijk verplicht. Werkgevers moeten ‘een beleid gericht op voorkoming en indien dat niet mogelijk is beperking van psychosociale arbeidsbelasting voeren’. Toch controleert de inspectie van SZW wel op de aanwezigheid van een vertrouwenspersoon. Het aanstellen suggereert namelijk een soort beleid. Maar wat doet een vertrouwenspersoon dan en welk voordeel biedt hij tegen ongewenste omgangsvormen? Wij spreken Marcel Oldenhuizing, bedrijfsmaatschappelijk werker en vertrouwenspersoon van ArboNed.

Ongewenste omgangsvormen

Binnen de Arbowet zijn vier verschillende ongewenste omgangsvormen benoemd: discriminatie, (seksuele) intimidatie, agressie en geweld, pesten. Dit zijn vormen van psychosociale arbeidsbelasting waar de vertrouwenspersoon binnen een bedrijf mee te maken kan krijgen. Hij heeft dan een belangrijke rol volgens Marcel: “De vertrouwenspersoon staat echt naast het slachtoffer. Hij hoort de melding aan, begeleidt en geeft advies.”

Voorkomen van ongewenst gedrag op de werkvloer

Een vertrouwenspersoon komt dus pas in beeld als het spreekwoordelijk te laat is. Maar hoe voorkom je nu ongewenst gedrag? Dat is inderdaad moeilijk geeft Marcel toe: “Voorkomen kun je het niet, maar als de werkgever een vertrouwenspersoon een belangrijke rol geeft binnen de organisatie kun je de situatie wel verzachten.” Volgens Marcel is er meer te winnen met goed beleid omtrent ongewenste omgangsvormen. “Als je met elkaar afspreekt: ‘zo gaan we met elkaar om en dit tolereren we niet’, dan geef je een duidelijk signaal af. Het is dan ook makkelijker om mensen aan te spreken op ongewenst gedrag.”

Een grapje of pesten?

Als er dan daadwerkelijk sprake is van ongewenst gedrag, wat zijn dan de taken van een vertrouwenspersoon? Marcel licht toe: “Het begint met een luisterend oor. Dan is het belangrijk dat je per situatie samen de ui afpelt. Zo kun je samen kijken hoe de situatie is ervaren en van welke vorm van ongewenst gedrag was hier sprake? Dan geef je advies wat het slachtoffer kan doen. Maar de keuze ligt altijd bij het slachtoffer. Hij kan bijvoorbeeld in gesprek gaan met de dader of het formeel bekend maken bij de leidinggevende. Maar hij kan ook besluiten niets te doen, bijvoorbeeld als er angst is om de baan kwijt te raken. Een vertrouwenspersoon kan dan niets.”

Extern vertrouwenspersoon

Vaak wordt de vertrouwenspersoon binnen het bedrijf aangewezen. Dit is iemand die goed kan praten en soms wordt het zelfs gecombineerd met personeelszaken. Niet altijd handig volgens Marcel. “Het voordeel van iemand intern aanstellen is dat hij de bedrijfscultuur goed kent. Maar het is belangrijk te beseffen dat het soms moeilijke kwesties zijn. De interne vertrouwenspersoon zit bijvoorbeeld na zo’n melding wel in een vergadering met de dader. Dat kan moeilijkheden geven.” Een externe vertrouwenspersoon is volgens hem neutraler. “Ik heb geen binding met het bedrijf en ben opgeleid in deze materie. Dat maakt het makkelijker om objectief te werk te gaan.” Marcel geeft aan dat de meeste gesprekken met een vertrouwenspersoon vaak bij één gesprek blijven. “Het merendeel van de melders willen vaak gewoon hun hart luchten. Ik geef dan advies over de mogelijkheden en dan is het klaar. Dan is de angel er uit en is iemand bijvoorbeeld gesterkt om zelf het gesprek aan te gaan. Het merendeel van de gesprekken die ik voer gaan over pesten of intimidatie. En dat komt in alle bedrijven voor, zonder uitzondering. Het goede van alle MeToo-verhalen is volgens mij: we hebben een soort bewustwording gekregen wat we niet acceptabel vinden. Ook zijn mensen mondiger geworden. Je mag het aangeven als je er niet prettig bij voelt.”

Tips voor een vertrouwenspersoon:

  1. Het moet duidelijk zijn wat de gewenste omgangsvormen zijn. Zo kun je ook eerder aangeven wat ongewenst is en elkaar er op aanspreken.
  2. De leiding moet het goede voorbeeld zijn.
  3. Wees bewust van de eigen uitspraken en goed bedoelde grappen. Het kan enorm kwetsend zijn voor de ander.
  4. Volg een training. Je hebt er (hopelijk) niet vaak mee te maken en de kwesties komen soms erg precair zijn. Zorg dat je weet wat je (wettelijke) kaders zijn en wat jouw rol is.
  5. Zorg voor steun. Van de directie, je collega’s en bijvoorbeeld een extern vertrouwenspersoon.
Marcel Oldenhuizing, vertrouwenspersoon en bedrijfsmaatschappelijk werker bij ArboNed
Marcel Oldenhuizing